De Brahma: koning onder de hoenderrassen

De geschiedenis van de Brahma gaat terug tot de grote Aziatische hoenderrassen die vanaf de negentiende eeuw hun weg vonden naar Amerika en Europa.

De Brahma wordt vanwege zijn imposante verschijning, statige houding en indrukwekkende formaat vaak beschouwd als de koning onder de hoenderrassen. Het ras behoort samen met de Cochin en de Langshan tot de groep van de grote Aziatische reuzenrassen.

Naast zijn indrukwekkende omvang staat de Brahma bekend om zijn uitstekende winterhardheid. Dit is te danken aan de rijke en zachte bevedering, de sterk ontwikkelde been- en voetbevedering die de tenen beschermt tegen koude omstandigheden en de relatief kleine kopversierselen. Door de kleine erwtenkam en beperkte kinlellen is het ras bovendien minder gevoelig voor bevriezing dan veel andere hoenderrassen.

Wanneer Brahma’s voldoende ruimte en kwalitatief goed voer krijgen, zijn zij bovendien in staat een goede winterreserve aan te leggen. Deze eigenschappen maken de Brahma tot één van de meest geschikte grote hoenderrassen voor het houden in koudere klimaten.

boek1

Herkomst van de Brahma

De Brahma, Cochin en Langshan hebben vermoedelijk een gezamenlijke oorsprong. Voor zover tegenwoordig bekend, stammen de voorouders van deze reuzenhoenders uit Azië. Grote hoenders van dit type waren al lange tijd bekend in China en omliggende gebieden.

Vanaf het midden van de negentiende eeuw werden deze dieren vanuit Azië naar Amerika en Europa geëxporteerd. Over de exacte oorsprong van de Brahma bestaan verschillende verhalen en theorieën. Diverse historische bronnen beschrijven het ontstaan van het ras op uiteenlopende wijze. Waarschijnlijk ligt de werkelijke ontstaansgeschiedenis ergens tussen deze verschillende lezingen in.

Bij de eerste importen in Amerika en later Europa waren vooral de donkere en lichte Brahma’s populair. De donkere variant vormde uiteindelijk de basis voor de huidige meerzomig zilverpatrijs, terwijl de lichte variant uitgroeide tot de bekende Columbia kleurslag. Deze kleurslagen genoten veel belangstelling vanwege hun unieke en opvallende uitstraling.

Naast deze beide varianten werden ook andere kleurslagen beschreven, waaronder de huidige meerzomig patrijs en buff zwartcolumbia. Omdat de donkere en lichte Brahma’s lange tijd het populairst waren, kregen andere kleurslagen binnen de fokkerij aanzienlijk minder aandacht.

Door verdere selectie en gerichte fokkerij ontwikkelden zich uiteindelijk de drie rassen zoals wij die vandaag kennen: de Brahma, de Cochin en de Langshan.

Sinds de introductie van de Brahma in Europa rond 1860 is het oorspronkelijke rastype opmerkelijk goed behouden gebleven. Oude afbeeldingen en beschrijvingen laten zien dat de karakteristieke kenmerken van het ras al vroeg duidelijk aanwezig waren en door de jaren heen stevig verankerd zijn gebleven.

Invloed op andere rassen

De Brahma heeft een belangrijke rol gespeeld bij het ontstaan en de ontwikkeling van verschillende andere hoenderrassen. Door kruisingen met kleinere landhoenrassen in Europa en Amerika werden eigenschappen van de Brahma benut om nieuwe rassen te ontwikkelen.

Voorbeelden hiervan zijn onder meer de Wyandotte, Sussex, Rhode Island Red en Plymouth Rock. Deze rassen werden aanvankelijk vooral ontwikkeld als productieve nutsrassen, maar groeiden later uit tot populaire tentoonstellings- en liefhebbersrassen.

Ook in Nederland heeft de Brahma zijn sporen nagelaten. Zowel de Barnevelder als de Welsumer hebben Brahma-bloed in hun ontstaansgeschiedenis. De Brahma heeft daarbij vermoedelijk bijgedragen aan verschillende raskenmerken, waaronder eigenschappen die verband houden met de bekende bruine eikleur.

De invloed van de Brahma is daardoor nog altijd zichtbaar in diverse hoenderrassen die wereldwijd worden gehouden, gefokt en tentoongesteld. Daarmee behoort de Brahma niet alleen tot de oudste en meest indrukwekkende reuzenrassen, maar ook tot één van de meest invloedrijke rassen binnen de moderne pluimveefokkerij.


Meer lezen